Wanneer de uitslagen ‘normaal’ zijn, maar jij je niet normaal voelt
Kennisartikel
Dit artikel is gebaseerd op een fictief verhaal, samengesteld uit patronen die regelmatig voorkomen in de klinische praktijk.
Eva (48) kwam bij mij op consult met een verhaal dat ik vaker hoor. Ze voelde zich al maanden “niet zichzelf”, maar kon het moeilijk onder woorden brengen. Geen depressie, geen duidelijke ziekte. Haar hoofd werkte gewoon anders dan voorheen.
Woorden kwamen trager. Ze verloor de draad in gesprekken. Na een ochtend werken voelde ze zich mentaal uitgeput. Medische onderzoeken lieten niets zien: bloedwaarden waren normaal, de MRI zonder afwijkingen. “Misschien stress,” zeiden ze. “Het heeft ook deels te maken met de menopauze.”
Maar de klachten bleven.
Wat is hersenmist precies?
Hersenmist is geen medische diagnose, maar een verzamelnaam voor cognitieve klachten zoals concentratieproblemen, traag denken, geheugenproblemen en mentale vermoeidheid. Het komt vaak voor na COVID-19, bij hormonale overgangen zoals de perimenopauze, bij chronische stress of na langdurige ziekte.
De uitdaging: deze klachten zijn vaak onzichtbaar. Scans en bloedonderzoek laten zelden afwijkingen zien. Dat kan confronterend zijn, zowel voor de persoon die het ervaart als voor de omgeving. Het risico is dat mensen gaan twijfelen aan de validiteit van hun eigen ervaring.

Beeld Hersenmist voelt vaak alsof je “door een waas” kijkt: je functioneert wel, maar het kost veel meer moeite dan vroeger.
Waarom vallen mensen tussen wal en schip?
In de reguliere zorg ligt de focus vaak op aantoonbare afwijkingen. Als die er niet zijn, is het advies soms: “Geef het de tijd.” Dat kan helpend zijn, maar niet altijd voldoende, zeker wanneer iemand functioneel beperkt is in werk, sociale contacten of dagelijkse taken.
Wat ik in de praktijk zie, is dat er vaak meerdere factoren tegelijk spelen: hormonale veranderingen, een doorgemaakte infectie, slaapproblemen, overbelasting. Het brein heeft tijd en ondersteuning nodig om zich aan te passen, maar er is niet altijd een duidelijke weg naar herstel.
Een andere manier van werken
De training die volgde, voelde aanvankelijk onwennig voor Eva. Geen gesprekken aan tafel, maar actief: denken en bewegen tegelijk. Taken die haar aandacht, verwerkingssnelheid en multitasking uitdaagden, gecombineerd met gecontroleerde motorische oefeningen zoals lopen op een loopband, zelfs wat VR. Soms leek het wel of ze aan het “gamen” was, zoals haar tiener thuis. Er werd wat afgelachen ook. Ze kwam altijd goed gezind uit de behandelingen. Thuis ging de behandeling verder met cognitieve oefeningen op de tablet om tussen de sessies met Dr Suzin te blijven verbeteren.
Het was intensief, maar op een andere manier dan ze verwacht had en al helemaal van wat ze gewend was.
Geleidelijk begon Eva veranderingen te merken. Niet alles werd “zoals het was”. Maar ze kon zich weer makkelijker focussen. Haar hoofd voelde minder vol. Ze durfde zichzelf weer te vertrouwen.
“Het voelt alsof mijn brein weer meedoet,” zei ze.
Geen genezing, maar controle terugkrijgen
Vanaf het begin was Dr. Suzin helder: “We kunnen dit niet laten verdwijnen. Maar we kunnen wel werken aan hoe je ermee omgaat en hoe je brein zich aanpast.” Die eerlijkheid bracht opluchting.
Wat helpt er wel?
Er is geen wondermiddel voor hersenmist. Wat effectief kan zijn, verschilt per persoon, maar een aantal aanpakken wordt breed ondersteund:
1. Herkenning en validatie
Horen dat je klachten serieus genomen worden, is een eerste stap. Dat klinkt simpel, maar het maakt verschil in hoe iemand met de situatie omgaat.
2. Gestructureerde cognitieve training
Sommige mensen hebben baat bij gerichte oefeningen die aandacht, geheugen en flexibiliteit stimuleren. Dit kan variëren van geautomatiseerde cognitieve training tot bewegingsgerichte programma’s die brein en lichaam combineren.
3. Energiemanagement
Leren inschatten wanneer je wel en geen energie hebt, helpt overbelasting voorkomen. Pacing activiteit doseren is een veelgebruikte strategie hierbij.

Beeld Kleine, gerichte stappen (en goed doseren) voelen misschien traag, maar zijn vaak precies wat het brein nodig heeft.
Herken jij jezelf hierin?
Misschien herken je dat:
- Je klachten hebt, maar geen duidelijke diagnose
- Je vermoeid bent, alsof je achter een dikke mist zit, soms gedesoriënteerd en traag
- Uitslagen van onderzoeken “normaal” zijn, terwijl jij blijft worstelen
- Je het gevoel hebt dat je klachten niet serieus genomen worden
- Je weet: zo hoort het niet te zijn
Als dat zo is, is dit verhaal misschien niet zo fictief als het lijkt.
Signalen dat verdere hulp zinvol kan zijn
Wanneer is het de moeite waard om aanvullende ondersteuning te zoeken? Als je herkent dat:
- Je dagelijks functioneren structureel verminderd is
- Je klachten langer dan drie maanden aanhouden zonder verbetering
- Twijfel aan je eigen kunnen binnensluipt, met mogelijk stemmingsveranderingen
Dan kan het helpen om te zoeken naar ondersteuning die bij jouw situatie past. Dat kan een neuropsycholoog zijn, of een fysiotherapeut met expertise in neurorevalidatie.
Conclusie: geen eenvoudige antwoorden, maar wel richting
Hersenmist is complex, en dat maakt het soms moeilijk bespreekbaar. Maar het is niet ingebeeld, en het hoeft geen doodlopende weg te zijn. Het vraagt wel om een aanpak die verder kijkt dan standaard onderzoek en ruimte biedt voor persoonlijke zorg.
Als zorgverlener vind ik het belangrijk om dat perspectief te bieden: geen beloftes, maar wel mogelijkheden. En vooral: de bevestiging dat wat iemand ervaart, ertoe doet.
Bij LuciDT werken we met mensen die tussen wal en schip vallen. Mensen die hersenmist ervaren door long COVID, (peri)menopauze of andere ingrijpende levensfases. Niet met quick fixes, maar met aandacht, expertise en een aanpak die brein en lichaam als één geheel ziet.
Gil Suzin PhD Neuropsychologie
Specialist in neuropsychologie en cognitieve revalidatie, LuciDT